< p>

Eén van de positieve ontwikkelingen tijdens de coronacrisis is de digitale versnelling in diverse sectoren. Zo is online lesgeven op grote schaal omarmd. Mensen zijn ook massaal vanuit huis gaan werken. Waarbij met veel creativiteit is gezocht naar oplossingen om vergaderingen en meetings digitaal door te laten gaan. Ontwikkelingen die al langer speelden, maar die in deze tijd grootschalig in een versnelling zijn geraakt. Digitalisering in de opleidingswereld brengt nog een andere ontwikkeling met zich mee, die wij versneld haar intrede zien doen. Niet de cursussen en trainingen staan centraal in het aanbod, maar de cursist. 

Van klassikaal naar online leeromgeving 

Digitalisering in het onderwijs is niets nieuws. Zo startte men jaren geleden al om studiematerialen via de website met cursisten te delen. Vervolgens werd de site verrijkt met opdrachten, een cursusagenda of bijvoorbeeld elektronische discussiemogelijkheden. Op die manier raakte de website steeds meer geïntegreerd in de cursussen. En steeds vaker kwamen lesmethodes met een online leeromgeving. 

Blended Leren 

Met bijvoorbeeld webinars, whitepapers, YouTube-filmpjes en kennisbijeenkomsten werden allerlei mogelijkheden aangeboden om kennis op te doen. Digitalisering werd steeds vaker ingezet om op afstand en op verschillende manieren leerdoelen te behalen. Zo ontstond er een methode om een training te creëren met een mix van verschillende leervormen. Een aanpak die online en sociale trainingsmethodes combineert en integreert met het traditionele klassikale activiteiten: het blended leren. 

Van formeel naar informeel leren 

Bij het traditionele leren is er vaak een lineaire leerpad uitgestippeld. De laatste jaren zie je steeds vaker ontwikkelingen opkomen, waarin dit verandert. De grote verschillen tussen cursisten in studietempo, belangstelling en bijvoorbeeld hun manier van werken zorgen ervoor dat er een hele nieuwe manier van leren is ontstaan. Cursisten nemen persoonlijk de leiding over hun eigen leerproces. Zij bepalen zelf wat zij, wanneer en via welk weg willen leren. Cursisten gaan op zoek naar kennis waar zij zich in willen verdiepen, of die ze met vaardigheden eigen willen maken. Dat vraagt om een andere manier van denken. 

Niet top-down maar bottom-up 

Met onze smartphones, tablets of laptops zijn we in staat om op een relatief goedkope manier wereldwijd met elkaar te communiceren en informatie uit te wisselen. In eigen tijd, tempo en plaats. Deze manier van denken heeft ook invloed op onze manier van leren. Dankzij het world wide web blijft geen vraag lang onbeantwoord. Kennis is eenvoudig op te zoeken en met anderen te delen. Je hoeft dus niet altijd een cursus te volgen, om kennis te vergaren. In verschillende branches heeft dit al tot nieuwe ontwikkelingen in de markt geleid. Denk maar aan voorbeelden als Airbnb of Peerby.  Ook in de wereld van opleiders zie je hierdoor een verschuiving optreden. Als opleider ben je straks niet meer bezig als controller en planner van cursussen, maar juist als moderator en facilitator van het leerproces. Het gaat er om je expertise te tonen. De individuele inhoud van de training staat centraal, de cursist kiest wat, hoe en wanneer hij/zij wil leren. 

 Kennis én vaardigheden 

Het ideale leren gebeurt straks op de manier die de cursist het beste past. Precies genoeg en op het moment dat het hem/haar uitkomt. Als cursusinstelling schaaf je de skills van de cursisten bij en laat je hen nieuwe vaardigheden of competenties opdoen. Kortom: je maakt leren effectiever en je zorgt voor betere aansluiting bij de behoeften van de cursist. We zien dat de zelforganisatie van iedere rol in het proces van planner, cursist tot en met de docent daarmee ook gaat veranderen. Dat vraagt om een hele andere invulling van het proces rond inschrijvingen en organisatie van cursussen. En dit heeft zeker ook gevolgen voor de manier waarop je cursusadministratie in de toekomst wordt ingericht.